“Niet óf spiritueel óf seksueel. Niet óf bewust óf wild.
Het mag allemaal bestaan, naast elkaar en door elkaar heen.”
Sensualiteit is heilig
Sensualiteit is heilig. Lust is spiritueel en speels.
We zeggen het zo makkelijk: “voluit leven”. Maar als we eerlijk zijn, bedoelen we vaak toch vooral het lichte, het zachte, het serene. Alsof spiritualiteit pas begint als je stil bent en op een kussentje kan zitten. Stil, strak en verlicht. Maar mijn waarheid ligt ergens anders.

Mijn verlangen hoort erbij
Ik heb ontdekt dat mijn verlangen niet tegen mijn bewustzijn indruist, maar er middenin zit. Dat mijn opwinding niet dom, goedkoop of dierlijk is, maar levend. Echt. Gegrond. En dat mijn lust niet hoeft te verdwijnen om in contact te zijn met iets groters… maar dat het juist de weg is naar dat grotere. Het grotere ultieme genot.
Niet als een techniek. Niet als iets wat je moet leren of beheersen. Maar als iets dat zich aandient als je durft te zakken. Iets dat je doorlééft. In je lijf. In je ja. In je genot.
Verlangen als kompas
Ik leer over mijn verlangens. Over mijn lichte kanten, mijn ondeugende kanten, mijn fluisterende fantasieën — die soms heel zacht zijn, en soms rauw en wild. Ik leer dat ik niet ‘te veel’ ben. Niet raar, niet afwijkend. Dat ik niet hoef te kiezen tussen mijn spirituele pad en mijn geile lijf. Want dat lijf ís mijn pad. Mijn tempel. Mijn kompas.
Wat we vaak te horen krijgen
En ja, dat schuurt soms. Want hoe vaak hebben we niet gehoord dat lust oppervlakkig is? Of dat we onze ‘hoog vibrerende spirituele energie’ vooral niet moeten verspillen aan seks, alsof genot een afleiding zou zijn van verlichting? Of dat we eerst moeten helen voordat we mogen genieten?
Dat is — voor mij — complete bullshit.
De poort naar leven
Juist het genot is helend. Juist de lach in bed, de traan op de massagetafel, klagen over het leed in de wereld, de schrik als je een diep verlangen voelt opkomen. Juist dat opent de poort. Naar jezelf, naar elkaar en naar het leven.
Ik hou van dat leven. Niet alleen van de stilte na een ademcirkel, maar ook van het gelach in de keuken als je naakt koffie zet. Van de spanning in mijn bekken als ik naar je heerlijke billen kijk. Van het spelen, het stoeien, het verkennen van waar het speelse eindigt en het heilige begint… of eigenlijk: waar die twee in elkaar overvloeien. Het licht ontmoet het donker.
Het pad dat ik bewandel
Want dat is het voor mij.
Niet óf spiritueel óf seksueel. Niet óf bewust óf wild.
Het mag allemaal bestaan, naast elkaar en door elkaar heen.
Lust is niet iets wat ik moet overwinnen.
Sensualiteit is geen bijzaak van het spirituele.
Het ís het pad.
En ik loop het graag.
Met open ogen, een tintelende huid en een glimlach die weet waar die vandaan komt
Peter Molenkamp
www.jijbentjezelf.nl